Naar de inhoud
Bouwsituaties

Een IER levert fiscaal voordeel op: wanneer valt uw verbouwing eronder?

· bijgewerkt op 27 augustus 2026

Aan een ingrijpende energetische renovatie zijn drie financiële voordelen gekoppeld: verlaagde registratierechten, een vermindering van de onroerende voorheffing, en de teruggave van een deel van de schenkingsrechten. Dat is voor de meeste bouwheren de reden om te weten of hun verbouwing eronder valt. Het IER-label komt er alleen wanneer twee bouwkundige voorwaarden samen vervuld zijn.

Dit artikel gaat over woningbouw. De voordelen hierboven zijn in de praktijk residentieel; EPB-Pedia zegt niet welke ervan ook voor niet-residentiële gebouwen gelden. Ook de eisen verderop zijn de residentiële eisen: bij niet-residentiële projecten hangt het E-peil aan de functie, en bij industrie geldt bij een IER gewoon het renovatiepakket.

De voorwaarde vóór de voorwaarden

Voor u de twee toetsen doorloopt, is er één drempel die het hele voordeel kan wegnemen. Een IER kan enkel voorkomen bij verbouwprojecten waarvoor zowel een omgevingsvergunning of melding vereist is als de verplichte medewerking van een architect. Ontbreekt een van beide, dan is er geen IER en komt het project ook niet in aanmerking voor de financiële voordelen. Dat is bij kleinere verbouwingen zonder architect vaker het geval dan verwacht.

De twee voorwaarden, cumulatief en per EPB-eenheid

Een IER ontstaat wanneer beide voorwaarden samen vervuld zijn, voor bouwaanvragen vanaf 1 maart 2017:

  1. minstens 75% van de bestaande en nieuwe scheidingsconstructies die het beschermd volume omhullen en aan de buitenomgeving grenzen, wordt geïsoleerd;
  2. minstens de opwekkers om een specifiek binnenklimaat te realiseren, worden volledig vervangen.

De toets gebeurt per EPB-eenheid. Bij de renovatie van een appartementsgebouw kan het ene appartement dus een gewone renovatie zijn en het andere een IER.

De 75%: wat telt, en wat er volledig buiten valt

De teller bevat meer dan isolatiewerk alleen: nageïsoleerde muren, vloeren en daken aan de buitenomgeving, ook muren die langs binnen geïsoleerd worden; vervangen vensters en deuren; de beglazing van vensters waarvan enkel het glas vervangen wordt; daken die al isolatie hadden en er een laag bij krijgen. Nieuw schrijnwerk brengt een dossier dus sneller richting de 75% dan gedacht.

Buiten teller én noemer vallen: schildelen naar een aangrenzende onverwarmde of verwarmde ruimte, schildelen naar een andere EPB-eenheid, de grond en dus ook vloeren op volle grond, en kelders, kruipkelders of verluchte ruimten. Een zoldervloer die aan een onverwarmde zolder grenst, helpt u dus niet aan de 75%, maar telt ook niet tegen u. Hoe die breuk precies opgebouwd wordt, staat in 800 m³ en 75%.

De opwekker: welke ingreep telt, en welke niet

Het gaat om de opwekker voor warmte of koude. Niet alle installaties moeten vervangen worden. Omdat bij de meeste bestaande woningen vooraf geen ventilatiesysteem of hernieuwbare techniek aanwezig is, komt het in de praktijk neer op de opwekker voor verwarming of koeling. Bestaande zonneboilers, zonnepanelen en radiatoren mogen blijven en tellen mee in de E-peilberekening.

Wat er met de warmteopwekker gebeurt, bij een dossier dat de 75% haaltUitkomst
De bestaande ketel blijft staan, of wordt binnen dezelfde EPB-eenheid verplaatstRenovatie
De bestaande opwekker blijft en er komt een tweede bijRenovatie
Er waren twee ketels en er wordt er één vervangenRenovatie
De opwekker wordt vervangen, leidingen en radiatoren blijvenIER
Er was enkel een open haard of lokale houtkachel, en er komt een warmteopwekker bijIER
Er was geen verwarmingsinstallatie en er wordt er een geplaatstIER
Appartement op een warmtenet: de centrale warmtewisselaar van het gebouw wordt vervangenIER voor alle aangesloten appartementen

Eén situatie verdient een aparte waarschuwing. Wordt een bestaande boiler of zonneboiler vervangen terwijl de verwarmingsketel blijft staan, dan is dat geen IER maar een gewone renovatie: de meest doorslaggevende verbruiker blijft behouden. Zo’n dossier toch als IER inrekenen kan tot een boete leiden voor het niet voldoen aan de E-peileis.

Haalt u één van beide voorwaarden net niet, dan bestaat er een uitzondering met een factuur van hoogstens vijf jaar oud. Die staat in uw renovatie toch als IER laten inrekenen.

Wat er verandert zodra uw woning een IER is

Bovenop de eisen van een gewone renovatie komen er bij een IER drie zaken bij: een maximaal E-peil, een minimumaandeel hernieuwbare energie, en de verplichting om een ventilatiesysteem te plaatsen. U ontvangt bij de EPB-aangifte bovendien een EPC Bouw met het behaalde E-peil; bij een gewone renovatie wordt geen E-peil berekend en is er dus ook geen EPC Bouw.

EisGewone renovatie van een woningIER van een woning, aanvraag vanaf 2025
E-peilgeen eismaximaal E60, en 10% strenger wanneer u het minimumaandeel hernieuwbare energie niet haalt
Hernieuwbare energiegeen eisminstens 20 kWh/m² per jaar, met vrije keuze uit onder meer warmtepomp, zonnepanelen, zonneboiler, biomassa of warmtenet
Ventilatievoorzieningen op wat u aanpakteen volledig systeem A, B, C of D
Installatieseisen per nieuw of vernieuwd toestelinstallatierendement minstens 130%, enkel bij centrale verwarming met water als transportmedium
U-waardenop nieuwe en nageïsoleerde delenop nieuwe en nageïsoleerde delen

Drie zaken die vaak verkeerd circuleren. Er geldt bij een residentiële IER geen S-peileis, geen K-peileis en geen oververhittingseis: die drie horen bij nieuwbouw van woningen. De eis lagetemperatuurverwarming van maximaal 45 °C ontwerpvertrektemperatuur geldt uitdrukkelijk niet bij een IER, enkel bij nieuwbouw. En de eis van 130% geldt niet voor warmtenetten, luchtverwarmingssystemen of plaatselijke toestellen zoals kachels.

Eén U-waarde is aan de IER gekoppeld: voor het navullen van een bestaande spouwmuur geldt maximaal 0,55 W/m²K, en die eis bestaat uitsluitend bij een IER van een residentieel gebouw, voor bouwaanvragen vanaf 1 januari 2015. Bij een gewone renovatie is er op spouwnavulling helemaal geen U-eis. Meer daarover in een spouwmuur navullen.

Twee gevolgen voor uw planning

Een IER vraagt een volledig ventilatiesysteem, en dat systeem moet vastliggen voordat de werken starten: welk type en welke debieten per ruimte. Bij nieuwbouw én IER van woongebouwen geldt bovendien het kwaliteitskader ventilatie, met een ventilatievoorontwerp vóór de werken en een ventilatieprestatieverslag erna. Welk systeem bij welk project past, staat in systeem A, B, C of D.

Daarnaast bepaalt de datum van de vergunningsaanvraag of melding welk eisenjaar geldt, niet de dag waarop de werken beginnen. Een dossier dat in 2025 is aangevraagd en pas in 2027 start, volgt het regime van 2025.

Laat de toets maken voor de plannen vastliggen

Wij rekenen de 75% na over de schildelen die aan de buitenomgeving grenzen, toetsen de opwekker aan de casussen hierboven en zeggen vooraf of uw dossier als IER wordt ingerekend, met de eisen en het E-peil dat u dan moet halen erbij.

In de offerte-configurator loopt u de vragen door en ziet u meteen waar uw project uitkomt.

Hier zelf mee te maken?

Bekijk wat wij doen, of vraag meteen een richtprijs voor uw eigen project.

Een vraag over uw eigen werf?

Wij denken liever vooraf mee dan achteraf te herstellen. Bellen kost u niets.