Naar de inhoud
Regelgeving

E-peil, S-peil en K-peil: drie cijfers met elk een eigen toepassingsgebied

· bijgewerkt op 27 augustus 2026

Drie peilen staan op een EPB-dossier, en ze meten alle drie iets anders. Het E-peil beoordeelt het gebouw als geheel, installaties inbegrepen. Het S-peil beoordeelt uitsluitend de gebouwschil van een wooneenheid. Het K-peil beoordeelt de globale isolatie op gebouwniveau en komt vandaag nog maar op één plaats voor. Welk cijfer op uw project van toepassing is, hangt af van de aard van de werken, de bestemming en de datum van de vergunningsaanvraag.

Dit artikel vertrekt van woningbouw. Voor niet-residentiële gebouwen ligt de E-peileis niet vast op één getal maar per functie, en bij bestemming industrie bestaat er helemaal geen E-peileis.

Drie cijfers naast elkaar

PeilWat het beoordeeltOp welk niveauWaar het als eis geldt
E-peilde energieprestatie van het geheel, installaties inbegrepenper EPB-eenheidwoningbouw: max. E30 bij nieuwbouw, max. E60 bij een ingrijpende energetische renovatie
S-peiluitsluitend de gebouwschilper wooneenheidenkel nieuwe wooneenheden: max. S28
K-peilde globale warmte-isolatieper gebouwenkel nieuwbouw met bestemming industrie: max. K40

Bij een gewone renovatie van een woning geldt geen van de drie. Daar blijven de maximale U-waarden over, de installatie-eisen op wat u nieuw plaatst of vervangt, en de ventilatievoorzieningen.

Het E-peil: het geheel, per EPB-eenheid

Het E-peil vergelijkt het karakteristiek jaarlijks primair energieverbruik van uw gebouw met dat van een referentiegebouw. Verwarming, sanitair warm water, ventilatie, koeling, hulpenergie en de eigen productie via zonnepanelen of warmtekrachtkoppeling wegen allemaal mee. Elektriciteit krijgt daarbij omrekenfactor 2,5 en fossiele brandstoffen factor 1.

Het is uitdrukkelijk een karakteristiek verbruik, geen voorspelling van uw factuur: de berekening werkt met een vaste binnentemperatuur van 18 °C en forfaitaire interne warmtewinsten. U wordt dus beoordeeld op het gebouw dat u neerzet, niet op hoe u het bewoont.

De eis geldt per EPB-eenheid. Bij een appartementsgebouw wordt dus per appartement getoetst. Voor een nieuwe woning ligt de lat op maximaal E30, het niveau dat sinds bouwaanvragen vanaf 2021 geldt en dat als bijna-energieneutraal of BEN bekendstaat. Bij een ingrijpende energetische renovatie van een woning ligt ze op maximaal E60; in 2021 was dat nog E70. Bij een gewone renovatie is er geen E-peil, en dus ook geen EPC-bouw met een E-peil erop.

Het S-peil: alleen de schil, alleen bij nieuwe wooneenheden

Het S-peil of schilpeil vat de energetische kwaliteit van de schil samen in één getal: de gemiddelde U-waarden, de bouwknopen, de zonnewinsten, het effect van de luchtdichtheid en de vormefficiëntie. Anders dan het K-peil rekent het ook de verliezen mee doorheen scheidingsconstructies naar aangrenzende verwarmde ruimten.

Het toepassingsgebied is smal en wordt vaak te ruim gelezen. Het S-peil geldt enkel voor nieuwe wooneenheden, voor bouwaanvragen vanaf 1 januari 2018. Het geldt niet bij renovatie, niet bij een ingrijpende energetische renovatie, niet voor niet-residentiële eenheden, niet voor industrie en niet voor de gemeenschappelijke delen van een appartementsgebouw, want die vormen een aparte EPB-eenheid en geen wooneenheid.

De eis bedraagt maximaal S28 per wooneenheid voor bouwaanvragen vanaf 1 januari 2022. Voor aanvragen van 2018 tot en met 2021 gold S31. Eén groep is uitdrukkelijk vrijgesteld: de nieuwbouw van een vrijstaande zorgwoning met een bruikbare vloeroppervlakte kleiner dan 50 m², die ook van de oververhittingsindicator vrijgesteld is.

Installaties tellen niet mee in het S-peil. Een warmtepomp verbetert uw E-peil en verandert niets aan uw S-peil. Van alle factoren die er wel in meespelen is de luchtdichtheid de enige die u niet uit een technische fiche haalt: die wordt gemeten. Wie met de werkelijke waarde wil rekenen in plaats van met een ongunstige aanname, laat een blowerdoortest uitvoeren.

De uitweg van S29 tot S31, en waarom ze duurder is dan ze lijkt

Haalt een nieuwe wooneenheid S28 niet, maar wel S29, S30 of S31, dan voldoet ze toch aan de EPB-eisen op voorwaarde dat ze E20 haalt in plaats van E30. Die drempel geldt voor bouwaanvragen vanaf 2023; voor aanvragen uit 2022 lag ze op E25.

Aan die uitweg hangen twee bijkomende voorwaarden. De woning moet daarnaast voldoen aan de eis op het minimumaandeel hernieuwbare energie zonder gebruik te maken van de E-peilcompensatie van 15%, en aan de eis op lagetemperatuurverwarming bij nieuwbouw, opnieuw zonder die compensatie van 15%. U kunt de compensaties dus niet stapelen. Boven S31 bestaat er geen compensatie.

Het blijft een uitgesproken ruil: een zwakkere schil wordt afgekocht met een duidelijk beter energieprestatiecijfer. Voor een ontwerp met veel glas of een grillig volume is dat soms de enige werkbare weg, maar E20 halen vraagt zwaardere technieken en meer hernieuwbare energie.

Het E-peil is geen vast getal

Uw maximale E-peil verstrengt zodra u een andere eis niet haalt. Dat mechanisme wordt geregeld over het hoofd gezien, omdat het cijfer op het eerste gezicht vastligt.

  • Haalt u het minimumaandeel hernieuwbare energie niet, dan verstrengt het maximale E-peil met 15% bij nieuwbouw. Voor een nieuwbouwwoning komt dat neer op maximaal E26 in plaats van E30. Bij een ingrijpende energetische renovatie bedraagt die verstrenging 10%.
  • Haalt u bij nieuwbouw de installatie-eis verwarming op lage temperatuur niet, dan verstrengt het maximale E-peil eveneens met 15%. Die eis geldt niet bij een ingrijpende energetische renovatie, en de verstrenging dus evenmin.
  • Mist u bij nieuwbouw beide eisen, dan moet u aan een 30% strengere E-peileis voldoen om een boete te vermijden.

Haalt u dat strengere E-peil, dan volgt er geen boete. Haalt u het niet, dan is het de E-peileis zelf die niet gehaald is, met de bijhorende administratieve boete voor de aangifteplichtige. Hoe de eis op hernieuwbare energie in elkaar zit, leest u in 15 of 20 kWh/m² hernieuwbare energie.

Er is nog een derde eis die het E-peil raakt zonder er formeel een eis op te zijn: het minimaal installatierendement van 130% bij centrale verwarming met water, dat sinds bouwaanvragen vanaf 2025 geldt bij nieuwbouw en bij een ingrijpende energetische renovatie. Dat wordt niet met een strenger E-peil gesanctioneerd maar met een rechtstreekse boete.

Het K-peil: vandaag alleen nog bij industrie

Het K-peil geeft de globale warmte-isolatie van het gebouw weer op basis van het warmteverlies via buitenmuren, daken, vloeren en vensters, plus de compactheid en de bouwknopen. Het geldt per gebouw, dus voor een volledig appartementsgebouw en niet voor één appartement. Het houdt geen rekening met zonnewinsten, luchtdichtheid of verliezen naar aangrenzende verwarmde ruimten.

Bij woningbouw komt u het niet meer als eis tegen: voor bouwaanvragen vanaf 2018 heeft het S-peil die rol overgenomen. Waar het nog wel geldt, is bij nieuwbouw met bestemming industrie: daar geldt maximaal K40 op gebouwniveau, naast de maximale U-waarden. Bij renovatie geldt het K-peil nooit, ook niet bij een ingrijpende energetische renovatie van een industriegebouw, want die volgt de eisen bij renovatie.

Waar het in de praktijk misloopt

De drie peilen worden pas berekend wanneer de plannen op tafel liggen, en tegen dan is het volume al bepaald. Vormefficiëntie, oriëntatie en de glasverhouding zijn ontwerpkeuzes die na de vergunningsaanvraag duur zijn om te corrigeren. Dezelfde datum bepaalt bovendien welk eisenniveau telt: niet de startdatum van de werken en niet de datum van uw aangifte, maar de datum op het ontvangstbewijs van de gemeente.

Daarom rekenen wij bij de voorafberekening de cijfers door op de plannen zoals ze zijn, en tonen wij welke aanpassing het meeste oplevert per geïnvesteerde euro. Bekijk wat er in onze EPB-verslaggeving zit, of loop de offerte-configurator door om te zien welk eisenpakket op uw project van toepassing is en wat de begeleiding kost.

Hier zelf mee te maken?

Bekijk wat wij doen, of vraag meteen een richtprijs voor uw eigen project.

Een vraag over uw eigen werf?

Wij denken liever vooraf mee dan achteraf te herstellen. Bellen kost u niets.